Even voorstellen: onze nieuwe bouwkundige Abko Zweverink

‘Het verhaal van een gebouw moet overeind blijven’

Abko Zweverink voor zijn eigen dorpskerk in Laren (Gld.)

Sinds kort versterkt bouwkundige Abko Zweverink het team van Gelderse Kerken. Met ruim dertig jaar ervaring in restauratie, herbestemming en onderhoud van monumenten is hij zeker geen onbekende in de wereld van het erfgoed. Tijd om kennis te maken met een bevlogen vakman die met hart en ziel werkt aan het behoud van onze kerken.

Van timmerman tot monumentenspecialist

Abko’s liefde voor monumenten begon in 1992, toen hij als jonge timmerman meewerkte aan de restauratie van de Grote Kerk in Apeldoorn.
“Mijn toenmalige baas zei: ‘Je werkt één dag met erfgoed of je hele leven.’ Voor mij werd het dat laatste.”
Vanaf dat moment was hij verkocht. “Die eerste werkdag voelde meteen alsof ik iets van waarde mocht aanraken. Sindsdien is het werken met monumenten mijn vaste pad gebleven.”

Terug op vertrouwd terrein

Zijn nieuwe rol bij Gelderse Kerken voelt als thuiskomen. Niet alleen vanwege zijn Gelderse roots, maar ook omdat hij al eerder betrokken was bij veel van de kerken in het bezit van de stichting. “In mijn tijd bij een restauratiebedrijf heb ik aan veel van deze gebouwen gewerkt: torens, daken, gevels, kapconstructies. Nu ik als bouwkundige betrokken ben, voelt dat vertrouwd én verantwoordelijk. Soms weet ik nog precies wat ik er twintig jaar geleden eigenhandig aan heb hersteld.”

Ervaring op alle fronten

Abko werkte jarenlang als uitvoerder en projectleider in de restauratie, zowel in Nederland als daarbuiten. Inmiddels is hij uitgegroeid tot een allround adviseur, directievoerder en vergunningenspecialist. Naast zijn werk bij Gelderse Kerken is hij actief als monumentenadviseur bij de gemeente Groningen. “Die combinatie van praktijkervaring en beleidskennis komt elke dag van pas.”

De uitdaging: toekomstbestendig erfgoed

Volgens Abko is de grootste uitdaging van nu het toekomstbestendig maken van kerkgebouwen. “Veel van onze kerken zijn groot, indrukwekkend, technisch complex en duur in onderhoud. Tegelijk proberen plaatselijke commissies manieren te vinden om het gebouw te blijven gebruiken en financieren.”
Verduurzaming speelt daarin een belangrijke rol. “Energielasten rijzen de pan uit, en toch moeten we voorzichtig zijn met hoe we ingrijpen. Een warmtepomp of isolatie is niet zomaar toe te passen. Je moet zoeken naar slimme, passende oplossingen. Die afwegingen maken we samen met collega’s en gebruikers altijd met behoud van de monumentale waarde voorop.”

Verbinding staat centraal

Wat typeert zijn aanpak? “Verbinding,” zegt hij zonder aarzelen. “Tussen het gebouw en zijn omgeving, tussen verleden en toekomst en vooral tussen mensen. Plaatselijke commissies, gebruikers, gemeenten en aannemers, allemaal hebben ze een rol. Mijn taak is om inhoudelijke en praktische oplossingen aan te dragen die technisch kloppen én toekomstbestendig zijn.”

Tot slot

“Ik zie het als een voorrecht om aan onze kerken te mogen werken. Elk gebouw is een verhaal. En als we dat verhaal samen in stand kunnen houden, ook voor de generaties na ons, dan doe ik dit werk met overtuiging en plezier.”